GEZOND SPORTEN

Home > Gezondheidsrisico's > Preventie van oververmoeidheid en andere risico's > Pas op met intapen en stretching

Pas op met intapen en stretching


Intapen

Je kunt een pols, enkel of knie intapen om te voorkomen dat je een bepaald letsel opnieuw krijgt, op voorwaarde dat de blessure intussen goed behandeld en hersteld is. De meestal witte tape die wordt gebruikt is niet elastisch en dient om een gewricht of spier te ondersteunen en te beschermen tegen verzwikking of verrekking.

Intapen heeft ook heel wat nadelen:

  • het is duur als je systematisch tape gebruikt voor het sporten
  • intapen en de tape na het sporten weer verwijderen kost tijd
  • tenzij je het lichaamsdeel regelmatig scheert, kleeft tape aan de beharing, wat het verwijderen pijnlijk maakt

 

  • intapen kan het natuurlijke versterkingsproces van spieren of gewrichten tijdens het sporten vertragen
  • een (slecht) ingetapet lichaamsdeel is minder beweeglijk
  • hoewel intapen niet 100 procent beschermt, voel je je wel beschermd, en riskeer je minder aandacht te geven aan andere preventiemaatregelen, zoals een goede warming-up
  • een lichaamsdeel volgens de correcte methode en met de juiste spanning – niet te strak of te slap – intapen vergt techniek en medische kennis. De instructiefilmpjes die je hierover vindt op internet spreken elkaar tegen.

Het is belangrijk dat de tape op medisch voorschrift wordt aangelegd. Het beste advies is dus: bespreek dit eerst met je arts of fysiotherapeut.

 

Stretching

Veel sporters rekken hun spieren tijdens de warming- up en de cooling-down. Stretchen is een ritueel van talloze amateursporters en profs. Ze doen het om beter te presteren, om blessures tijdens het sporten of stijfheid erna te voorkomen, of gewoon omdat het lekker voelt. Op heel wat websites wordt stretchen aanbevolen, uitgelegd en als doodnormaal beschouwd.

Bekijk je stretching en de preventieve waarde ervan wetenschappelijk, dan zie je dat de studies elkaar tegenspreken. De ene studie stelt dat stretchen helpt om spieren en pezen rekbaarder te maken. De andere zegt dat je door stretchen het rekken wel beter verdraagt, maar dat je spieren of pezen er niet langer van worden. Statisch stretchen voor het sporten zou zelfs tot krachtverlies leiden en meer kwaad doen dan goed. Wellicht worden de spieren er minder stabiel van. Volgens nog andere onderzoeken zou stretching wél nuttig zijn ná het sporten, om minder spierpijn te krijgen.

Bij statisch stretchen rek je een spiergroep uit en hou je die positie enkele tientallen seconden vol, zonder verder te bewegen. Dynamisch stretchen gaat gepaard met beweging. De ene studie beweert dat je statisch moet stretchen; de andere pleit voor dynamisch stretchen. De meeste wetenschappers zijn het eens dat stretchen niet helpt om blessures te voorkomen, tenzij misschien bij hardlopers. Bij bepaalde medische behandelingen, tijdens revalidatie dus, kan stretchen wél noodzakelijk zijn.

Conclusie: er is al bij al onvoldoende bewijsmateriaal dat systematisch stretchen, met name vóór het sporten, nuttig zou zijn, laat staan nodig. Opwarmen is wél stellig aan te raden, maar dan zonder rekoefeningen. Stretch wel als een arts je dat voorschrijft na een blessure. Met je uitrekken ’s ochtends is niets mis. Hetzelfde geldt voor statisch stretchen om krampen te verlichten.

 

******